Heb ik recht op een vergoeding? (PGB) - Zilverzorg
350
page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-350,ajax_fade,page_not_loaded,,qode_grid_1300,footer_responsive_adv,qode-theme-ver-16.1,qode-theme-bridge,disabled_footer_top,disabled_footer_bottom,wpb-js-composer js-comp-ver-4.12,vc_responsive
 

Heb ik recht op een vergoeding? (PGB)

HomeHeb ik recht op een vergoeding? (PGB)

Heb ik recht op een vergoeding? (PGB)

Wie maatschappelijke ondersteuning nodig heeft, kan een beroep doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Officieel heet deze wet Wmo 2015.

De voormalige AWBZ-taken met betrekking tot huishoudelijke hulp en ondersteuning zijn overgeheveld naar deze nieuwe Wmo. Gemeenten zijn daarmee verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de ondersteuning bij mensen thuis. Het doel hiervan is om hen zo lang mogelijk thuis te kunnen laten wonen (zelfredzaamheid) en te laten deelnemen aan de maatschappij (participatie). Ook moeten gemeenten het ontmoeten van andere mensen blijven bevorderen. Veel andere taken, zoals persoonlijke verzorging en verpleging vallen per 1 januari 2015 onder de zorgverzekering.

Gemeenten zijn wettelijk verplicht om te onderzoeken wat de situatie is van mensen die zich melden voor een p ondersteuning. Bij dat onderzoek kijkt de gemeente naar wat iemand zelf nog kan en hoe diens directe omgeving hierbij kan helpen.

Gemeenten vragen per 2015 een eigen bijdrage van de burger voor het ontvangen van ondersteuning, zoals huishoudelijke hulp. Deze bijdrage is afhankelijk van het inkomen, leeftijd en het vermogen van de inwoner. Het Centraal Administratie Kantoor (CAK) int de eigen bijdrage. Op de website van het CAK kan je de eigen bijdrage in jouw situatie berekenen.

Per gemeente wordt er een sociaal wijkteam aangesteld waar mensen terecht kunnen voor hulpvragen. Iedere gemeente zal deze ondersteuning op diens eigen manier regelen.

De Wmo is bedoeld voor iedereen die thuis ondersteuning nodig heeft, zodat ze zelfredzaam blijven. De Wmo is er ook voor mensen die hulp nodig hebben om mee te doen (te participeren) in de samenleving. Het inkomen of vermogen speelt geen rol bij het wel of niet toekennen van een Wmo-aanvraag. Wel betaalt iedereen een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage voor ondersteuning die wordt geregeld vanuit de Wmo. Ook het inkomen van de partner telt mee. Mensen die meer verdienen betalen een hogere bijdrage.

1

De eerste stap bij het aanvragen van hulp en ondersteuning is het maken van melding bij het Wmo loket van de gemeente. Na de aanmelding neemt er iemand van de gemeente contact met u op om een afspraak te maken voor een (keukentafel)gesprek.

2

Tijdens het gesprek op het gemeentehuis of bij je thuis wordt er door een consulent/deskundige van de gemeente onderzocht waar de problemen in uw situatie liggen en wat er nodig is om deze problemen op te lossen. Ook wordt er bekeken wat familie en naasten in jouw omgeving voor je kunnen betekenen. Er wordt binnen 10 werkdagen een verslag gemaakt van het gesprek dat je rustig kunt teruglezen.

33

Het gespreksverslag is het uitgangspunt voor de verdere stappen. Hierin staat tevens een voorstel van de gemeente om je te helpen. Dit kan in de vorm van algemene- en maatwerkvoorzieningen.

4

Het gespreksverslag kunt u vervolgens ondertekenen en terugsturen. Dit geldt als aanvraag voor hulp uit de Wmo. De gemeente beslist vervolgens binnen twee weken of je voor bepaalde voorzieningen in aanmerking komt.

5

Bij het aanvragen van hulp en ondersteuning hebben burgers meestal de keuze tussen een persoonsgebonden budget (pgb) of hulp in natura. Met een pgb ontvangt de inwoner een bepaald budget, waarmee hij/zij zelf hulp en/of zorg kan inkopen. Bij zorg in natura krijgt de burger begeleiding en ondersteuning via instellingen en leveranciers waar de gemeente een afspraak mee heeft gemaakt. Een pgb of hulp in natura vanuit de Wmo is aan te vragen via het Wmo-loket van de gemeente.